Hauntology (not really now not any more)

(scroll down for dutch)

March 11 – April 15, 2017
Keizersgracht 241
Amsterdam

Opening: Saturday, March 11, from 5 – 8 pm.

GRIMM is pleased to present Hauntology (not really now not any more), Adam Helms’ second solo exhibition at the gallery, that will be on view at GRIMM Keizersgracht.

Helms is primarily known for exploring the visual motifs underlying images of subcultures, symbols of violence and historical archetypes. Through the assembling, archiving and appropriating of mass-mediated and internet-sourced photographic material, Helms has investigated notions of the performed identities of opposition groups, notions of the heroic versus the anti-heroic and aspects of tropes surrounding masculine identity.

In Hauntology: Swamp Thing (Dante and Beatrice) (2014) and Hauntology: Silver Surfer (Dante and Beatrice) (2014), Helms has adopted a Pop Art vocabulary, examining an intimation of heroism as it relates to desire and the concept of the muse. Two lasercut panels feature comic covers from the the artist’s personal collection, showing two All American super-heroic archetypical figures carrying the vulnerable female muse out of harm’s way. From the titles, these two male protagonists are juxtaposed by two classical predecessors: Dante and Beatrice. Here the roles are reversed, for it is Beatrice —the lifelong but secret object of Dante’s love, appearing in the Devine Comedy as one of his guides— being the one saved and led from danger.

Three large-scale works on paper, Repression (The Thing) #1, #2 and #3 (2016), demonstrate the artist’s extraordinary drawing skills. Helms has positioned the classical Vanitas symbol of the skull against a dark vacuum. In a Rothko-esque manner, Helms has repressed the colors by applying multiple layers of graphite, and through this process, tearing the paper surface, allowing the bright aniline to shine through. These drawings are metaphorical ‘landscape’ images as much as they are representations of the individual and the unknown. Four smaller pieces were executed in a similar way, with the dye being applied in a triangular pattern, representing a notion of the infinite within the picture plane. The images at their centre feature The Dodge Ram logo, The Chrysler Imperial emblem from the 1950’s, the Death’s Head Moth and finally the Nazi Totenkopf, suggesting alliances between commerce, power and the occult and signaling fascist tendencies within the contemporary political landscape of the United States.

Both the impulses behind Helms’ artistic practice and the sensations his work evokes, can be related to the ‘Uncanny’ and the ‘Sublime’, two concepts linking psychology to art. The Freudian notion of the Uncanny describes the discomforting feeling when something is simultaneously familiar and foreign. The Sublime here points to the conflicting emotions of fascination and fear, feeling both attracted and appalled, while the viewer is at a safe distance from the depicted subject. The exhibition’s title: Hauntology (not really now not any more)–both a reference to a series of essays by Mark Fisher called, Ghosts Of My Life (2014) and to Alan Garner’s novel Red Shift (1973)–and points to the eerie quality of the works and above all to a nostalgia for the future, a future that feels unattainable and lost.

Adam Helms (1974, Tucson) lives and works in New York. Recent solo exhibitions include Uncanny Valley at Marianne Boesky, New York (2014), Weight of Culture at Artpace, San Antonio (2014) and Pathos Formula at Almine Rech, Brussels (2013). His work has been included in several group shows: November’s Bone at Halsey Mckay Gallery, East Hampton, NY (2016), It/Ego at Brennan & Griffin, New York (2016), Territorial Drift, curated by Yasmijn Jarram at Garage Rotterdam, Rotterdam (2016), Ghost Current at V1 Gallery, Copenhagen (2014) and Heel Gezellig, curated by Matthew Day Jackson at GRIMM, Amsterdam (2011). Institutional group shows include: Second Nature: Contemporary Landscapes from the MFAH Collection at the Museum of Fine Arts in Houston, TX (2011), Haunted: Contemporary Photography/Video/Performance at the Solomon R. Guggenheim Museum in New York (2010) and Skin Fruit, The Dakis Joannou Collection, curated by Jeff Koons at the New Museum in New York (2010). Helms received the Pollock-Krasner Foundation Grant in 2010. His work is included in the permanent collections of the Walker Art Center (MN), the Whitney Museum (NY), the Guggenheim Museum (NY), and The Yale Art Gallery (CT).

For more information, interview and royalty free image requests please contact press@grimmgallery.com, +31(0) 20 6752465.

PERSBERICHT NEDERLANDS

Met trots presenteert GRIMM Hauntology (not really now not any more), een nieuwe tentoonstelling van Adam Helms (US, 1974). Het is de tweede solo tentoonstelling van Adam Helms in de galerie en zal te zien bij GRIMM Keizersgracht.

In zijn werk analyseert Helms de manieren waarop subculturen, gewelddadige symboliek en historische archetypen verbeeld worden, via het verzamelen, archiveren en adapteren van gevonden fotografisch materiaal onderzoekt Helms de wijzen waarop oppositiegroepen hun imago uitdragen; het concept van de held versus de anti-held en de mythes rondom masculiene identiteit.

In Hauntology: Swamp Thing (Dante en Beatrice) (2014) en Hauntology: Silver Surfer (Dante en Beatrice) (2014) verkent Helms – in een Pop Art vocabulaire – een meer intieme benadering van heldhaftigheid, namelijk in relatie tot verlangen en het concept van de muze. De lasergesneden panelen tonen omslagen uit de kunstenaar’s persoonlijke collectie comics, waarop twee typische Amerikaanse superhelden hun kwetsbare vrouwelijke muzen in veiligheid brengen. In de titels worden de mannelijke hoofdrolspelers tegenover twee klassieke voorgangers gezet: Dante en Beatrice. Dit keer zijn de rollen omgedraaid, want het is Beatrice -de geheime liefde van Dante- die, in zijn Divina Commedia als een van zijn gidsen optreedt- die hier gered wordt en weggedragen uit de gevarenzone.

Drie grootschalige werken op papier, Repression (The Thing) # 1, # 2 en # 3, getuigen van het buitengewone tekentalent van de kunstenaar en tonen het klassieke Vanitas-symbool van de schedel voor een donker vacuüm. Op Rothko-achtige wijze heeft Helms hier de onderliggende kleuren onderdrukt, begraven onder meerdere lagen grafiet. Echter, op sommige plaatsen en door het scheuren van het papier, schittert de felle inkt nog door het papier. Deze tekeningen functioneren zowel als metaforische ‘landschappen’ als representaties van het individu in confrontatie met het onbekende. In vier kleinere werken, uitgevoerd in dezelfde techniek, werd de kleurstof in een driehoekig patroon aangebracht; een verwijzing naar het concept van oneindigheid binnen het beeldvlak. Gecentreerd zien we verschillende symbolen: het Dodge Ram logo, het Chrysler Imperial embleem uit de jaren ’50, de doodshoofdvlinder en tenslotte een nazi Totenkopf. Tezamen suggereren de werken allianties tussen commercie, macht en het occulte en signaleren ze fascistische tendensen binnen het hedendaagse politieke landschap van de Verenigde Staten.

Zowel de impulsen achter Helms artistieke praktijk als ook de sensaties die zijn werk teweeg brengen, kunnen beter begrepen worden wanneer omschrijvingen als ‘bevreemdend’ (“uncanny”) en het ‘grootse en verhevene’ (“the sublime”) van toepassing mogen zijn; twee concepten die psychologie en kunst verbinden. De Freudiaanse notie van “the uncanny” beschrijft de ongemakkelijke gewaarwording van iets dat tegelijk vertrouwd en vreemd aanvoelt. “The sublime” verwijst hier naar de tegenstrijdige emoties van fascinatie en angst, balancerend tussen afkeer en aantrekkingskracht, terwijl de kijker zich op een veilige afstand van het afgebeelde onderwerp bevindt. De titel van de tentoonstelling Hauntology (not really now not any more) –een verwijzing naar een serie essays van Mark Fisher getiteld Ghosts Of My Life (2014) en Alan Garner’s roman Red Shift (1973)– refereert aan de sinistere kwaliteit van de werken en bovenal aan een nostalgie naar de toekomst, een toekomst die onbereikbaar en verloren aanvoelt.

Adam Helms (1974, Tucson) woont en werkt in New York. Recente solotentoonstellingen zijn: Uncanny Valley bij Marianne Boesky, New York (2014), Weight of Culture bij Artpace, San Antonio (2014) en Pathos Formula bij Almine Rech, Brussel (2013). Zijn werk zat in diverse groepstentoonstellingen: November’s Bone bij Halsey Mckay Gallery, East Hampton, NY (2016), It/Ego bij Brennan & Griffin, New York (2016), Territorial Drift, met als curator Yasmijn Jarram bij Garage Rotterdam, Rotterdam (2016), Ghost Current bij V1 Gallery, Copenhagen (2014) en Heel Gezellig, curated by Matthew Day Jackson bij GRIMM, Amsterdam (2011). Groepstentoonstellingen in musea: Second Nature: Contemporary Landscapes from the MFAH Collection at the Museum of Fine Arts in Houston, TX (2011), Haunted: Contemporary Photography/Video/Performance bij het Solomon R. Guggenheim Museum in New York (2010) en Skin Fruit, The Dakis Joannou Collection, curated by Jeff Koons in het New Museum in New York (2010). Helms ontving de Pollock-Krasner Foundation Grant in 2010. Zijn werk is opgenomen in de permanente collecties van het Walker Art Center (MN), het Whitney Museum (NY), het Guggenheim Museum (New York), en The Yale Art Gallery (CT) .